In Verlichting

Je kan niet zomaar alle huidige lampen vervangen door led. We hebben te maken met verschillende lichtbronnen, gloeilampen, halogeenspotjes, T.L. buizen en PL- / spaarlampen.

gloeilamp
Traditionele gloeilamp
Traditioneel halogeenspot
Traditionele halogeenspot
unknown
Traditionele T.L. -buis
P l. E 27 of E 14
Traditionele PL spaarlamp

De gloeilamp en de betekenis van de letters en cijfers.

De gloeilamp kan in alle gevallen 1 op 1 vervangen worden door een led E 27 of E14 lamp. E 27 staat voor een fitting met een diameter van 27 mm en E 14 staat voor een fitting met een diameter van 14 mm doorsnede. Als je de lampen gaat verwisselen kun je een verhouding aanhouden van gemiddeld 10% van de oude lichtbron. Dus een gloeilamp van 40 watt kun je vervangen door een ledlamp van 4 watt. Hier ziet u dus ook meteen de enorme besparing.

Waar u ook op moet letten bij uw aankoop van ledlampen is of de oude lamp helder of melkglas is (wilt u dit hetzelfde houden?) en de kleur van het licht die wordt uitgedrukt in graden Kelvin. We kennen over het algemeen 5 kleuren:

  • 2700K
  • 3200K
  • 4200K
  • 5200K
  • 6500K

In veel gevallen zijn de laatste 2 cijfers van uw oude verlichting de kleurnummers.
2700K tot 3200K is een zeer warme kleur waarbij je kunt denken aan huiskamer verlichting/sfeerverlichting, dus niet voor b.v. leeslicht.

Voor de keuken of een leestafel kiest u beter 4200 tot 5200. De 6500 staat gelijk aan daglicht en is erg blauwig wit en ongezellig.

Dan staat er nog een belangrijke factor op de lamp (of op de verpakking) het aantal lumen per watt of het totaalaantal lumen voor deze lamp. 1 watt is minimaal 100 lumen (dit kan oplopen tot 180 lumen) afhankelijk van de soort lamp of het doel.

Dus hoe hoger het aantal lumen/watt, hoe meer licht per verbruikte watt.

Halogeenlamp.

Hier zijn een aantal verschillende versies van, we bespreken hier de meest voorkomende. Het eerste onderscheid wat belangrijk is, is het voltage.

De huidige halogeenlampen zijn of 12 volt of 230 volt, met andere woorden, zit er een transformator tussen of niet? De halogeenspotjes hebben een ‘multifaceted reflector’ afgekort MR en hebben twee pinnen als lampvoet (Bi-pin genaamd). Er bestaan verschillende manieren om de lampvoeten aan te duiden, de officiële aanduiding wordt genoteerd met ‘G‘ en ‘GU’.

G staat voor Glas, en GU staat voor Glas en U-vorm. Die U-vorm wordt gekenmerkt door twee bolletjes aan het einde van de pinnen.

Een andere veel gebruikte methode is met MR, waarbij MR11 en MR16 de meest voorkomende spotjes zijn. Het getal achter MR (11 of 16) is de diameter (in mm) van de pinnen zelf. MR11 = G De oude stijl, pakweg van voor 1990, was enkel verkrijgbaar in 12 volt.

Daarna zijn er 230 volt halogeenlampen op de markt gekomen.

De twee meest voorkomende 12 volt halogeenspotjes zijn MR11 met lampvoet GU4 en MR16 met lampvoet G5.3.

De 230 volt halogeenspotjes hebben de U vorm pinnen (met een bolletje aan het einde van de pin) en zijn MR16 – GU10. Dit bolletje lijkt op een starter van een tl-buis (zie linkse foto). Daarnaast bestaan er ook halogeenlampjes met een G4 lampvoet of G9 lampvoet, dit noemt men vaak halogeen ‘steeklampjes’. Ook bestaan er nog halogeenspotjes met een E27 of E14 lampvoet.

Onderstaand plaatje geeft een overzicht.

afbeelding11
halogeenlampen-07
GU4/MR11 halogeenspot / G4 halogeen steeklampje
halogeenlampen-06
G9 halogeen steeklampje
halogeenlampen-04
GU10 halogeenspot en MR16
halogeenlampen-05
GU5.3 halogeenspot

Daarnaast bestaan er ook halogeenspotjes met E14 en E 27 lampvoeten.

Halogeen spot E14 en E27

Als nu bekend is welke lamp u nodig heeft is er nog een belangrijk punt, en dat is of uw lampen al dan niet op een dimmer zijn aangesloten. In het geval van een dimmer dient u wel dimbare ledlampen aan te schaffen en is het zeer raadzaam om de dimmer te vervangen.

Hier zijn 2 redenen voor:

  1. De nieuwe ledlamp (die aangedreven wordt door een interne voeding) geeft een constante stroom af (constant current) en daar zijn de meeste oudere transformatoren niet geschikt voor.
  2. De 2e reden is dat de oude transformator een minimale belasting zal hebben, bijvoorbeeld 50 Watt. Het probleem wat er nu kan ontstaan is dat uw nieuwe ledverlichting met alle lampen bij elkaar opgeteld niet aan 50 watt (bijvoorbeeld 10 ledlampjes van 4 watt = 40 watt) komt waardoor de dimmer niet reageert. Daardoor brandt de nieuwe ledverlichting helemaal niet.

Tl-buis.

De meest voorkomende tl-buizen zijn de T8 en T5 buizen. Het getal representeert het aantal 1/8 inches in diameter, waarbij een T8 buis 8/8 inch is, dus 2,545 cm in diameter om precies te zijn. De iets dunnere T5 buis, is dan 5/8 inch, oftewel 1,6 cm in diameter. Werken de meeste T8 buizen met een starter en een magnetisch/elektrisch Voor Schakel Apparaat (VSA), de T5 buizen en nieuwere T8 buizen maken gebruik van een hoogfrequente (HF) elektronische VSA.

In het geval van een magnetische/elektrische VSA met starter, dient de starter te worden vervangen door een ledstarter. Om uitval door de magnetische/elektrische VSA in de toekomst te voorkomen en nog iets minder energie te verbruiken, is het beste om de VSA te ‘ontkoppelen’ uit de stroomkring.

Voor het vervangen van een T8 of T5 tl-buis die werken met een HF elektronische VSA zijn twee opties. De eerste optie is het ‘ontkoppelen’ van de HF elektronische VSA. De tweede optie is het kopen van een HF elektronische VSA compatibele ledbuis die direct in het armatuur kan worden ingezet zonder de elektronische VSA te ontkoppelen. LET OP! Niet alle HF elektronische VSA compatibele ledbuizen werken met alle merken! Een test is raadzaam alvorens de aankoop van een grote hoeveelheid.

Bij Tl-buizen is het verbruik gerelateerd aan de lengte van de buis. De meest voorkomende T8 buizen zijn 60 cm met een verbruik van 18 watt, 120 cm met 36 watt verbruik en 150 cm met 58 watt verbruik. In de praktijk verbruiken de VSA’s eveneens enkele watts, bij oude VSA’s zelfs tot 10% (bij 150cm – 58 watt, komt dat neer op een totaal verbruik van zo’n 64 watt).

Er bestaan ook ‘Eco’ tl buizen die een iets lager verbruik hebben.

T5 tl-buizen bestaan in verschillende uitvoeringen:

  • HO (High Output) – hogere lichtopbrengst: 80 watt, 54 watt, 49 watt, 39 watt en 24 watt
  • HE (High Efficiency) – minder verbruik (dan de traditionele T8 tl buizen): 35 watt, 32 watt, 25 watt en 13 watt,
  • HE ECO (met een economisch verbruik): 32 watt, 25 watt en 13 watt.

Let op: er bestaan niet vaak voorkomende afwijkende lengtes zoals 115cm, 176cm, en ook 90cm (deze laatste vaak voor aquaria gebruikt).

Op de tl-buis staat een code, deze geeft de kleurweergave aan (eerste cijfer) en de lichtkleur (laatste 2 cijfers zijn de eerste twee cijfers van de lichtkleur in graden Kelvin).
827 betekend dat de kleurweergave Ra>80 is, en de lichtkleur 2.700K (warm wit).
De meest voorkomende tl-buizen hebben de code 840 (kleurweergave Ra>80 en lichtkleur 4.000K (neutraal wit).

afbeelding15

P l-Lampen

Er zijn heel veel verschillende p l-lampen, echter in huishoudelijk gebruik zijn deze vrijwel allemaal met een E 27 of E14 voet. Dan kunnen deze 1 op 1 omgewisseld worden, omdat het voorschakelapparaat in de p l- lamp is geplaats vandaar die dikke voet. Uw nieuwe led -lamp heeft geen voorschakelapparaat nodig dus kan deze rechtstreeks in de fitting gedraaid worden.

Als het een elektronisch armatuur is heeft u een hoogfrequente lamp nodig, deze zijn direct herkenbaar omdat deze een andere voet hebben met 2 of 4 pinnetjes. Zie foto’s

P l. E 27 of E 14
P l. E 27 of E 14
Elektronische uitvoering
Elektronische uitvoering

Waar u ook op moet letten bij uw aankoop van ledlampen is of de oude lamp helder of melkglas is (wilt u dit hetzelfde houden?) en de kleur van het licht die wordt uitgedrukt in graden Kelvin. We kennen over het algemeen 5 kleuren. 2700K-3200K-4200K-5200K en 6500K. In veel gevallen zijn de eerste 2 cijfers van uw oude verlichting de kleurnummers.

2700K tot 3200K is een zeer warme kleur waarbij je kunt denken aan huiskamer verlichting/sfeerverlichting, dus niet voor b.v. leeslicht. Voor de keuken of een leestafel kiest u beter 4200 tot 5200. De 6500 staat gelijk aan daglicht en is erg blauwig wit en ongezellig.

Dan staat er nog een belangrijke factor op de lamp (of op de verpakking) het aantal lumen per watt of het totaalaantal lumen voor deze lamp. 1 watt is minimaal 100 lumen (dit kan oplopen tot 180 lumen) afhankelijk van de soort lamp of het doel. Dus hoe hoger het aantal lumen/watt, hoe meer licht per verbruikte watt.

Als laatste de IP-aanduiding (International protection) op een lamp. Dit gaat over stof en waterdichtheid van de lamp of armatuur. Hieronder vind je de aanduidingen volgens norm IEC 60529.

IP 21 Druipwaterdicht
IP 22 Aanrakingsveilig
IP 44 Spatwaterdicht
IP 54 Stofvrij/–spatwaterdicht
IP 55 Stofvrij/–Spuitwaterdicht
IP 67 Stofdicht–Waterdicht
IP 68 Waterdicht tot 1 meter

foto-auteur-henk
Auteur: Henk Michelbrink
Recent Posts

Leave a Comment

verblindingsfactor-ugr-waarde-led